Vertaling koek van Nederlands naar Engels
Wat is koek in het Engels?
Hieronder vind je de vertaling van koek van NL naar EN.
koek de ~
(biscuitje)
[zelfstandig naamwoord]
[zelfstandig naamwoord]
biscuit
the ~
cookie
the ~
kind of biscuit
the ~
snap
the ~
Woorden die beginnen of eindigen met koek
koekoek
-
kruidkoek
-
sojakoek
-
koeken
-
koekje
-
koeklauw
-
koekkraam
-
lijnkoek
-
koekenpan
-
koekeloeren
-
snijkoek
-
oliekoek
-
koekhakker
-
koekoeksjong
-
honingkoek
-
pannenkoek
-
koekebakker
-
koffiekoek
-
koekjestrommel
-
koekoekszang
-
sukadekoek
-
koekdeeg
-
koekbakkerij
-
ontbijtkoek
-
koekbakker
Recente vertalingen van NL naar EN
kunsthandel
-
compleet maken
-
knetteren
-
verteerd
-
warmte-eenheid
-
huurleger
-
bedrijfskapitaal
-
onlust
-
voetbalclub
-
mannetjesdier
-
viezigheid
-
welgemanierd
-
uniseks
-
naaktschilderij
-
avondblad
-
keet
-
kiesbevoegd
-
evacueren
-
tentoonstelling
-
amuseren
-
beroering
-
maandstaat
-
mandorla
-
ministersvergadering
-
tegenspreken